Typ hierboven uw zoekterm (Belgisch recht) of scroll

© 2001-2015 Lycaeus Juridisch Woordenboek - Alle rechten voorbehouden>

prudentieel : rechtswetenschap - voorzichtig.

pseudo-wetgeving : staatsrecht - dwingende regels die de overheid, vaak gecamoufleerd als richtlijnen, meedeelt aan ondergeschikten. Vaak bevatten omzendbrieven ~. Zie ook: nadere verklaring circulaire / omzendbrief / rondzendbrief

psychische overmacht Fr.: la suprématie psychique : rechtswetenschap - geestelijke overmacht, bijv. van een volwassene ten opzichte van zijn kind of een zwakbegaafd persoon.

publicatie Fr.: la publication : faillissementsrecht - zowel in geval van een faillissement als een surseance zal de uitspraak worden gepubliceerd in algemene nieuwsbladen en in de Staatscourant. Het is een juridische aanname dat na publicatie iedereen op de hoogte is van het bestaan van de insolventieprocedure. Zie ook: nadere verklaring Staatscourant nadere verklaring insolventie

publicatie Fr.: publication : strafrecht - bijkomende straf of maatregel die erin bestaat dat een strafrechtelijke uitspraak geheel of gedeeltelijk gepubliceerd moet worden in het Belgisch Staatsblad of een aantal dagbladen of bekendgemaakt moet worden via de audiovisuele media of via aanplakking. Art. 18, 456, 490, 502 Sw. en 447, 466 en 470 Sv. - Zie ook: nadere verklaring aanplakking nadere verklaring Staatscourant nadere verklaring insolventie

publicatieplicht Fr.: obligation de publier : rechtspersonenrecht - verplichting van rechtspersonen om bepaalde gegevens (vaak financiële gegevens) openbaar te maken. Zie ook: nadere verklaring Kamer van Koophandel (KvK) nadere verklaring jaarrekening

publieke sector / openbare sector Fr.: le secteur public : sociaal recht - totaal van de overheid en de instellingen die de sociale verzekeringen verzorgen. (bron: nrc.nl)

publieke werken / openbare werken Fr.: les travaux publics : bestuursrecht - gemeentelijke dienst die zich bezighoudt met het toezicht op en uitvoering van bouwwerken, bruggen, grondmechanica, riolering, gereedmaken van terreinen, wegen en beplantingen

publiekrecht Fr.: le droit public : rechtswetenschap - regelt de inrichting van de staat en de staatsorganen en de verhouding tussen staat en burgers. Zie ook: tegenstelling privaatrecht

publiekrechtelijke rechtshandeling Fr.: l'acte juridique public : bestuursrecht - handelen of nalaten waarvan het rechtsgevolg betrekking heeft op de gezagsverhouding tussen overheid en burger. Zie ook: nadere verklaring vermogensrechtelijke rechtshandeling nadere verklaring besluit / (mv.) besluiten nadere verklaring beschikking

publiekrechtelijke rechtshandelingen / (oneigen.) publieke rechtshandelingen Fr.: les actes juridiques publics / (oneigen.) les actes juridiques publics : bestuursrecht - krachtens wettelijk voorschrift eenzijdig de rechtspositie van andere rechtssubjecten wijzigen; handelen of nalaten waarvan het rechtsgevolg betrekking heeft op de gezagsverhouding tussen overheid en burger. De bevoegdheid om ~ te verrichten is exclusief, dwz. komt maar aan één bestuursorgaan toe. Zie ook: nadere verklaring vermogensrechtelijke rechtshandeling nadere verklaring besluit / (mv.) besluiten nadere verklaring beschikking

publiekrechtelijke rechtspersoon Fr.: la personne de droit public : rechtspersonenrecht - instellingen die, als zij niet de overheid zelf zijn, door de openbare overheid in het leven werden geroepen, die voor het algemeen belang deelnemen aan het overheidsbeleid en daarom doorgaans met een gedeelte van het overheidsgezag zijn bekleed. Het zijn ofwel de onmisbare organen voor de uitoefening van het openbaar gezag (waarvan het bestaan zich natuurlijkerwijze opdringt), ofwel zijn het de organen die door de overheid noodzakelijk of nuttig werden geacht voor de administratie en door hem met dit doel werden geschapen. Zie ook: nadere verklaring privaatrechtelijke rechtspersoon nadere verklaring natuurlijke persoon

publieksmisleiding : effectenrecht - door het opzettelijk verzwijgen of verminden van ware, of voorspiegelen van valse feiten of omstandigheden trachten het publiek tot inschrijving of deelneming te bewegen. Dit is verboden voor een ieder die effecten uitgeeft of belast is met, of zijn medewerking verleent tot het plaatsen van effecten. Zie ook: nadere verklaring emissie / uitgifte nadere verklaring aandelen aan toonder

punitieve sanctie / punitief : criminologie - straf die tot doel heeft het gepleegde onrecht bij de dader te doen voelen. Zie ook: nadere verklaring reparatoire sanctie nadere verklaring sanctie nadere verklaring fair trial

putatief Fr.: putatif : strafrecht - verkeerde voorstelling van zaken; een handeling die strafbaar lijkt, maar in feite niet strafbaar is. Bijv. ~ delict.
te goeder trouw.

putatief huwelijk Fr.: le mariage putatif : personen- en familierecht - de wet heeft de gevolgen van een nietigverklaring van een huwelijk willen temperen ten aanzien van de echtgenoten ter goeder trouw of één van hen die ter goeder trouw was en de kinderen. In dat geval zal het ~ wel gevolgen hebben, doch enkel voor het verleden. Art. 201-202 B.W. - Zie ook: onderdeel huwelijk

putatieve strafuitsluitingsgrond Fr.: la cause exemptoire de peine putative : strafrecht - een vermeende strafuitsluitingsgrond.

qoud non Fr.: quod non : rechtswetenschap - FOUTE SPELLING. Zoek: quod non

qualitate qua (q.q.) : faillissementsrecht - Latijn: in hoedanigheid van. Bijv. als advocaat Jansen tot curator benoemd is, kan hij in zijn correspondentie vanuit die hoedanigheid naar zichzelf als mr Jansen q.q.. Zie ook: nadere verklaring curator / (mv.) curatoren nadere verklaring titularis

quitte et libre : rechtswetenschap - Latijn: een (onroerende) zaak wordt afgestaan voor vrij en onbelast van alle hypothecaire lasten, zowel in hoofde van de huidige als van de vorige eigenaars.

quod non : advocatuur - Latijn: hetgeen niet het geval is. Tussenvoeging die advocaten en deurwaarders in schriftelijke stukken gebruiken om iets uitdrukkelijk te ontkennen. In zinsverband te begrijpen als:"wat zeker niet zo is!". Bijv. de wederpartij stelt dat de overeenkomst van 1 januari jl. dateert - ~ - en beroept zich daarom op (..). Zie ook: nadere verklaring betwisting / betwisten / betwist

quorum / kworum : staatsrecht - minimaal aantal aanwezigen dat vereist is om een vergadering te kunnen openen, te beraadslagen en/of te besluiten. Zie ook: hierarchische verhouding gekwalificeerde meerderheid van stemmen

quotumbeleid : vreemdelingenrecht - systeem waarin de toelating van vreemdelingen in een land wordt bepaald door een maximaal aantal per jaar. België werkt niet met dit systeem. Zie ook: nadere verklaring United Nations High Commissioner for Refugees (UNHCR) / Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties

Raad Fr.: Le conseil : staatsrecht - wetgevende macht op het niveau van de gemeenschappen en de gewesten, bv. de Brusselse Hoofdstedelijke Raad, de Franse Gemeenschapsraad, de Waalse Gewestraad. Op het Vlaamse niveau zijn de Vlaamse Gemeenschapsraad en de Vlaamse Gewestraad samengevoegd tot de Vlaamse Raad, die zichzelf het Vlaams Parlement noemt. Zie art 24 e.v. bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de instellingen. Art. 115-120 G.W. - Zie ook: nadere verklaring Vlaamse raad nadere verklaring Vlaams Parlement nadere verklaring parlement nadere verklaring wetgevende macht

raad van bestuur Fr.: le conseil d'administration : vennootschapsrecht - leidinggevend orgaan van een vennootschap dat bevoegd is de vennootschap in en buiten rechte te vertegenwoordigen en belast is met het besturen van de vennootschap. Meestal heeft één van de leden van de ~ de dagelijkse leiding over de vennootschap;
de naamloze vennootschap wordt bestuurd door een ~ die samengesteld is uit minstens 3 bestuurders. Zie ook: nadere verklaring vennootschap niet gelijk aan raad van commissarissen (RvC)

raad van bestuur / (oneig.) raad van beheer Fr.: conseil d'administration : vennootschapsrecht - orgaan van een naamloze vennootschap bestaande uit ten minste drie (twee indien er slechts twee aandeelhouders zijn) die het eigenlijke bestuur van de vennootschap op zich neemt en dus alle handelingen mag stellen om het doel van de vennootschap te realiseren, behalve die waarvoor de algemene vergadering bevoegd is. Art. 518 W. Venn. en 522 W. Venn. - Zie ook: nadere verklaring algemene vergadering

Raad van de Duitstalige Gemeenschap Fr.: Le conseil de la communauté germanophone : staatsrecht - wetgevende vergadering van de Duitstalige Gemeenschap bestaande uit 25 verkozenen; de ~ keurt decreten goed over aangelegenheden waarvoor de Duitstalige Gemeenschap bevoegd, met name culturele, persoonsgeboden en onderwijsaangelegenheden, keurt de jaarlijkse begroting van de Duitstalige gemeenschap goed en controleert de Duitstalige Gemeenschapsregering. Zie: art 24 e.v. bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de instellingen. Art. 115-120 G.W. - Zie ook: hierarchische verhouding raad hierarchische verhouding parlement

Raad van Europa (RvE) Fr.: le Conseil de l'Europe : Europees recht - in 1949 opgerichte en in Straatsburg zetelende intergouvernementele organisatie die een grotere eenheid tussen zijn leden bevordert, teneinde aldus de idealen en beginselen die hun gemeenschappelijk erfdeel zijn, veilig te stellen en te verwezenlijken en hun economische en sociale vooruitgang te bevorderen. Zie ook: nadere verklaring Europees Sociaal Handvest nadere verklaring Europese unie

Raad van het Gemeenschapsonderwijs (RAGO) : onderwijsrecht - overkoepelend orgaan voor het gemeenschapsonderwijs in Vlaanderen, d.w.z. de inrichtende macht van het gemeenschapsonderwijs. Zie: art 31 Bijzonder decreet van 14 juli 1998 betreffende het gemeenschapsonderwijs. Zie ook: nadere verklaring Autonome Raad voor het Gemeenschapsonderwijs (ARGO)

Raad van Ministers van de Europese Unie Fr.: le Conseil des ministres de l'Union européenne : Europees recht - instelling van de EG, bestaande uit de ministers van de EU-lidstaten. De samenstelling van de ~ is afhankelijk van het onderwerp. (bron: DNB)

Raad van State (RvS) Fr.: Le Conseil d'état (RvS) : staatsrecht - hoogste administratief rechtscollege, dat bestaat uit twee afdelingen. De afdeling wetgeving geeft een gemotiveerd maar niet-bindend advies over voorontwerpen, ontwerpen en voorstellen van wetten, decreten, ordonnanties en reglementaire besluiten (koninklijk en ministeriële besluiten, besluiten van de gemeenschaps- en gewestregeringen). De afdeling administratie behandelt als hoogste administratief rechtscollege beroepen tot schorsing van de tenuitvoerlegging of vernietiging van administratieve handelingen (akten en reglementen) die strijdig zijn met de geldende rechtsregels. Art. 160 G.W. en 1 R.v.St.-wet - Zie ook: nadere verklaring administratieve rechtspraak onderdeel staatsraad onderdeel afdeling wetgeving onderdeel afdeling administratie

raadkamer (RK) Fr.: la chambre du conseil : Gerechtelijk recht - onderzoeksgerecht op het niveau van de rechtbank van eerste aanleg dat o.m. bevoegd is om het vooronderzoek af te sluiten, te beslissen over de handhaving van de aanhoudingsbevelen van de onderzoeksrechter, bepaalde onderzoeksmaatregelen te bevelen en te beslissen over de internering van geestesgestoorden en de opschorting van de uitspraak van de veroordeling. Zie ook: tegenstelling openbare terechtzitting

raadsheer / raadsheren Fr.: conseiller : gerechtelijk recht - mannelijke of vrouwelijke rechter(s) bij een Hof van Beroep, Arbeidshof of het Hof van Cassatie. Art. 207-216 Ger. W. en 254-255 Ger. W. - Zie ook: hierarchische verhouding magistratuur nadere verklaring Hof van Beroep nadere verklaring Arbeidshof nadere verklaring Hof van Cassatie

raadsheren in sociale zaken Fr.: conseillers des affaires sociales : sociaal recht - lekenrechters die zetelen in een arbeidshof.

raadsman Fr.: conseil : advocatuur - advocaat. Zie ook: tegenstelling raadsheer / raadsheren nadere verklaring procureur

raamovereenkomst / raamcontract Fr.: convention-cadre / contrat-cadre : contractenrecht - hoofdovereenkomst, waarbij contractueel zijn vastgelegd in hoofdlijnen de rechten en verplichtingen van een opdracht en hieruit voortvloeiende of voortbouwende opdrachten. Zie ook: hierarchische verhouding overeenkomst

randgemeente Fr.: la commune périphérique : - gemeente die grenst aan een grote stad

rangorde Fr.: ordre : pand- en hypotheekrecht - vastgelegde volgorde waarin verschillende voorrechten (bijv. pand, hypotheek) kunnen uitgeoefend worden. Zie ook: onderdeel rangregeling

rappeleren Fr.: rappeler : rechtswetenschap - in herinnering brengen.

ratificatie / ratificeren / geratificeerd Fr.: ratification/ratifier : staatsrecht - bekrachtiging van verdragen door de regering, na goedkeuring ervan door het parlement. Het gevolg daarvan is dat de staat door die verdragen is gebonden. Zie ook: nadere verklaring verdrag nadere verklaring directe werking / rechtstreekse werking

ratio legis : staatsrecht - Latijn: de strekking van een wettelijke bepaling; de bedoeling of de opzet die de wetgever met een bepaalde wetsbepaling had. Zie ook: nadere verklaring teleologische interpretatie

rationalisme Fr.: le rationalisme : rechtsgeschiedenis - leer van Descartes (1596-1650); de rede is bron van kennis.

ratione loci : rechtswetenschap - Latijn: territoriaal, wat een bepaald grondgebied betreft. Bijv. de rechtbank verklaart zich bevoegd ~. Zie ook: nadere verklaring territoriaal

reëele overeenkomst Fr.: l'accord réel : contractenrecht - overeenkomst die pas tot stand komt na geopenbaarde wilsuiting én overdracht van de (gekochte) zaak.

reële executie Fr.: exécution en nature : verbintenissenrecht - gedwongen tenuitvoerlegging die strekt tot de tenuitvoerlegging van hetgeen waartoe de schuldenaar zicht verbonden heeft of waartoe hij veroordeeld werd. Zie ook: nadere verklaring executie

reële schadevergoeding Fr.: l'indemnisation réelle : letselschaderecht - volledige schadevergoeding.

receptie Fr.: la réception : rechtswetenschap - ontvangst.

reces Fr.: les vacances parlementaires : politiek - zomervakantie tijdens dewelke het parlement en de rechtbanken geen zitting houden

recessie Fr.: la récession : rechtswetenschap - negatieve economische groei. Gewoonlijk wordt van ~ pas gesproken als de negatieve groei twee achtereenvolgende kwartalen aanhoudt.

recht Fr.: droit : rechtsfilosofie - geheel van regels die in de samenleving van een land of regio gelden, gekenmerkt door hun afdwingbaarheid door de overheid. Zie ook: nadere verklaring rechtsnorm nadere verklaring objectief recht onderdeel materieel recht onderdeel formeel recht

recht Fr.: droit : fiscaal recht - schuldvordering door de fiscus, term voor een onderdeel uit het proces van heffen en invorderen van belastingen. De fiscus stelt het bedrag van een bepaalde belasting, op basis van een bepaalde wettelijke titel (de fiscale wetgeving). De gewestelijk directeur van de belastingen ordonnanceert die geheven belasting en creëert zo een 'verworven recht', een schuldvordering van de overheid. Dat verworven recht wordt daarna geregistreerd en wordt daardoor een 'vastgesteld recht' dat de belastingdiensten effectief bij de belastingplichtige kunnen innen. Zie ook: nadere verklaring belasting nadere verklaring heffing nadere verklaring belastingaanslag

recht aan toonder Fr.: le droit au porteur : handelsrecht - betaling die louter op vertoon van het waardepapier plaatsvindt. Het ~ wordt overgedragen door het in de macht van de verkrijger te brengen. De persoon die een dergelijk waardepapier bezit, heeft ~. Zie ook: tegenstelling aandelen op naam

recht op privacy Fr.: le droit à < i>privacy< /i > : privacyrecht - Engels: eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. ~ is een grondrecht. Ook wel: recht om met rust gelaten te worden, zowel fysiek (onaantastbaarheid menselijk lichaam, huisrecht) als informationeel (verwerking van persoonsgegevens, briefgeheim). Zie: wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten aanzien van de verwerking van persoonsgegevens. Zie ook: nadere verklaring klassieke grondrechten

recht op betoging / demonstratievrijheid Fr.: le droit à la manifestation / la liberté de manifestation : mensenrechten - grondrecht om op een openbare plaats tegen bepaalde zaken of opvattingen te demonstreren. ~ is een vorm van vrijheid van meningsuiting. Dit recht kan o.a. ter voorkoming van wanordelijkheden worden gereguleerd. Zie ook: nadere verklaring recht van petitie hierarchische verhouding vrijheid van meningsuiting / drukpersvrijheid

recht op een bevoegde rechter Fr.: le droit à un juge compétent : gerechtelijk recht - recht op toegang tot een rechterlijke instantie die beantwoordt aan de rechten vervat in artikel 6, 1 EVRM in verband met het verloop van de procedure, het vaststellen van iemands rechten en verplichtingen en het bepalen van de gegrondheid van de ingestelde vervolging; grondwettelijk recht dat ieder moet worden beoordeeld volgens objectief vastgestelde bevoegdheids- en procedureregels en door de wettelijk aangeduide rechterlijke instantie; grondwettelijk recht dat ieder toegang moet hebben tot de rechter om zijn rechten te beschermen Art. 6, 1 evrm en 13, 144-146 G.W. - Zie ook: v recht op behoorlijke rechtsbedeling nadere verklaring machtsafwending

recht op nationaliteit Fr.: le droit à la nationalité : mensenrechten - universeel recht van de mens op de aanduiding van welk land hij onderdaan is.

recht van bewaring Fr.: le droit de garde : familierecht - de materiële bewaring en dagdagelijkse zorgen voor het kind waarnemen. Indien de ouders samenleven oefenen zij dit recht in de regel samen uit. Leven zij niet samen dan zal het ~ veelal uitgeoefend worden door één der ouders, tenzij ingeval van een bilocatieregeling. Het feit dat het ~ door een ouder wordt uitgeoefend, betekent niet dat deze ouder exclusief het ouderlijk gezag uitoefent. Ook de ouder die niet het ~ heeft, oefent (tenzij in uitzonderlijke gevallen) het ouderlijk gezag uit. Zie ook: nadere verklaring bilocatieregeling hierarchische verhouding ouderlijke gezag nadere verklaring co-ouderschap tegenstelling omgangsrecht

recht van bewoning Fr.: droit d'habitation : vastgoedrecht - Een eigenaar kan beslissen mondeling of per overeenkomst aan een gebruiker een recht van bewoning te verlenen op zijn onroerend goed. Het recht van bewoning kan niet overgedragen of verhuurd worden en beperkt zich tot hetgeen noodzakelijk is voor de bewoning van diegene waaraan het recht werd verleend, en van zijn familie. Art. 625-635 B.W. - Zie ook: niet gelijk aan huur

recht van Coöptatie Fr.: le droit de cooptation : rechtswetenschap - recht iemand als lid aan te nemen.

recht van gebruik en bewoning Fr.: droit de l'usage et de l'habitation : zakenrecht - een zakelijk recht dat een persoon het recht verleent om een goed dat niet zijn eigendom is te gebruiken. Het recht van bewoning betreft hetzelfde recht doch op een woning. Art. 625-636 B.W. - Zie ook: nadere verklaring vruchtgebruik onderdeel zakelijk recht

recht van onderzoek / parlementair onderzoeksrecht Fr.: droit d'enquête : staatsrecht - het recht van een wetgevende vergadering (federaal parlement, gemeenschaps- en gewestraden) om parlementaire onderzoekscommissies op te richten onder hun leden om, via de onderzoeksmaatregelen die in het Wetboek van Strafvordering omschreven zijn, politieke verantwoordelijkheden vast te stellen of aanbevelingen in verband met het beleid op te stellen. Bijv. de commissie-Dutroux onderzocht de politieke verantwoordelijkheid voor de fouten bij het onderzoek tegen Marc Dutroux Art. 56 G.W. en 1 Wet Parlementair Onderzoek

recht van opstal / opstalrecht Fr.: le droit de superficie : zakenrecht - zakelijk recht om gebouwen, werken of beplantingen op een andermans grond te hebben. Is een wettelijke afwijking van het principe van natrekking. Zie ook: nadere verklaring natrekking nadere verklaring erfpacht nadere verklaring zakelijk recht

recht van overgang Fr.: le droit de passage : zakenrecht - erfdienstbaarheid, die inhoudt dat de eigenaar van het zgn. 'heersende erf' het recht heeft om over het land van een ander (het dienende erf) te gaan. Zie ook: nadere verklaring erfdienstbaarheid / erfdienstbaarheden / servituut / servituten

recht van petitie Fr.: le droit de pétition : mensenrechten - grondwettelijk recht om schriftelijke verzoeken bij een betreffend overheidsorgaan in te dienen. Belangenverenigingen grijpen het ~ aan om bij de overheid problemen onder de aandacht te brengen. Zie ook: hierarchische verhouding vrijheid van meningsuiting / drukpersvrijheid nadere verklaring lobby

recht van retentie / retentierecht Fr.: droit de rétention : verbintenissenrecht - recht van de schuldeiser om op eigen gezag de teruggave van een goed te weigeren zolang de schuld die in verband met die zaak bestaat, niet voldaan is Art. 1184 B.W. en 1612 B.W. - Zie ook: niet gelijk aan schuldvordering

recht van retour Fr.: le droit de retour : rechtswetenschap - recht van een consument om bij een aankoop op afstand, zonder boete of vermelding van reden, de overeenkomst te beëindigen.

recht van voorrang Fr.: le droit de préférence : pand- en hypotheekrecht - preferente of voorrangsbehandeling die voortvloeit uit een bepaalde hoedanigheid. Bijv. pandhouder of hypotheekhouder.

rechtbank van eerste aanleg Fr.: tribunal de première instance : gerechtelijk recht - rechtbank op het niveau van het gerechtelijk arrondissement. De ~ bestaat uit drie afdelingen, zijnde de burgerlijke rechtbank (voor burgerlijke zaken), de correctionele rechtbank (voor strafzaken) en de jeugdrechtbank (voor jeugdzaken). Binnen de ~ zijn er ook beslagrechters en onderzoeksrechters. De ~ is bevoegd voor een aantal specifieke zaken (bijv. vorderingen betreffende de staat van personen) en alle zaken die niet expliciet aan een andere rechtbank toegewezen zijn. Art. 76-80 Ger. W. en 568-572 Ger. W. - Zie ook: nadere verklaring arrondissement onderdeel jeugdrechtbank onderdeel jeugdrechter onderdeel beslagrechter

rechtbank van koophandel Fr.: le tribunal de commerce : staatsrecht - rechtbank op het niveau van een gerechtelijke arrondissement die bevoegd is voor handelsgeschillen. De ~bestaat uit één beroepsrechter (rechter in de rechtbank van koophandel genoemd) en twee lekenrechters, rechters in handelszaken genoemd. Art. 84-85 Ger. W. en 573-576 Ger. W. - Zie ook: nadere verklaring rechtbank van eerste aanleg hierarchische verhouding rechter in de rechtbank van koophandel hierarchische verhouding rechter in handelszaken

rechtelijke macht Fr.: la pouvoir judiciaire : rechtswetenschap - FOUTE SPELLING. Zoek: rechterlijke macht

rechter Fr.: le juge : staatsrecht - persoon die als ambt het beslechten van rechtsgeschillen heeft, persoon die deel uitmaakt van een rechtbank. Meer specifiek: titel van de magistraten van de rechtbank van eerste aanleg, de rechtbank van koophandel en de arbeidsrechtbank. Zie ook: onderdeel vrederechter onderdeel raadsheer / raadsheren tegenstelling procureur

rechter in de arbeidsrechtbank Fr.: le juge social : staatsrecht - beroepsrechter die samen met twee lekenrechters, rechters in sociale zaken, de arbeidsrechtbank vormt Art. 81-83 Ger. W. - Zie ook: onderdeel arbeidsrechtbank nadere verklaring rechter in sociale zaken

rechter in de rechtbank van koophandel Fr.: juge consulaire : staatsrecht - beroepsrechter die samen met twee lekenrechters, rechters in handelszaken, de rechtbank van koophandel vormt Art. 84-85 Ger. W. - Zie ook: onderdeel rechtbank van koophandel nadere verklaring rechter in handelszaken

rechter in handelszaken Fr.: juge consulaire : staatsrecht - lekenrechter in de rechtbank van koophandel, die bestaat uit één beroepsrechter en twee ~, De ~worden meestal benoemd op voordracht van een organisatie van werkgevers, werknemers en zelfstandigen. Art. 84-85 Ger. W. en 203-206 Ger. W. - Zie ook: onderdeel rechtbank van koophandel nadere verklaring rechter in de rechtbank van koophandel

rechter-commissaris bij faillissementen Fr.: juge-commissaire dans la faillitte : faillissementsrecht - rechter benoemd in het vonnis van faillietverklaring onder de leden van de rechtbank van koophandel, de voorzitter uitgezonderd, en die ermee belast is toezicht te houden op het beheer en de vereffening van het faillissement en de verrichtingen ervan te bespoedigen. Art. 11 Faill.W. - Zie ook: hierarchische verhouding curator / (mv.) curatoren

rechterlijke instanties Fr.: les instances judiciaires : staatsrecht - verzamelterm voor alle rechtsprekende organen: vredegerechten, rechtbanken van eerste aanleg, hoven van beroep, Hof van Cassatie enz.

rechterlijke macht Fr.: le pouvoir judiciaire : staatsrecht - verzamelterm voor de alle rechtsprekende instanties (zowel de zittende als de staande magistratuur). De ~ vormt samen met de wetgevende en de uitvoerende macht de zogenoemde trias politica van de staat. Art. 13 G.W. en 144-146 G.W. - Zie ook: hierarchische verhouding Trias Politica / scheiding van machten onderdeel staande magistratuur onderdeel zittende magistratuur nadere verklaring democratische rechtsstaat

rechterlijke machtiging Fr.: le mandat judiciair : rechtswetenschap - toestemming van de rechter om iets te mogen doen

rechterlijke onpartijdigheid Fr.: l'impartialité judiciaire : staatsrecht - het niet vooringenomen zijn van een rechter ten gunste van een van de partijen, het verbod voor een rechter om zijn eigen specifieke opvattingen te laten meespelen bij de beoordeling van een geschil..Bijvoorbeeld: een rechter die bij de behandeling van een geschil zijn persoonlijke (extreme) politieke opvatting laat meespelen getuigt niet van ~. Zie ook: tegenstelling onafhankelijkheid van de rechter

rechterlijke orde Fr.: l'ordre judiciaire : staatsrecht - verzamelterm voor de gewone rechtsprekende colleges (rechtbanken en hoven) en het openbaar ministerie Art. 154 G.W. en 58-287 Ger. W. - Zie ook: hierarchische verhouding rechterlijke macht onderdeel zittende magistratuur onderdeel staande magistratuur

rechterlijke uitspraak Fr.: la sentence judiciaire : burgerlijk procesrecht - door de rechter in het openbaar uitgesproken beslechting van een burgerlijk, bestuurlijk of strafrechtelijk geschil dat (meestal) wordt vastgelegd in een vonnis, arrest of beschikking. Zie ook: nadere verklaring provisionele uitspraak nadere verklaring beslissing nadere verklaring uitblijven uitspraak hierarchische verhouding eindvonnis

rechthebbende Fr.: l'ayant droit : rechtswetenschap - persoon die tot iets gerechtigd is. Bijv. ~ op de fiets is de eigenaar van die fiets.

rechtmatig verblijf Fr.: le séjour légitime : vreemdelingenrecht - verblijf met toestemming van de Belgische overheid. Zie ook: onderdeel kort verblijf onderdeel lang verblijf

rechtmatige eigenaar Fr.: le propriétaire légitime : vermogensrecht - persoon die zich als eigenaar over een zaak mag gedragen.

rechtsbekwaam / rechtsbekwaamheid Fr.: capacité juridique : personenrecht - de bekwaamheid om rechten te bezitten. De ~ impliceert niet noodzakelijk dat deze rechten ook zelfstandig door de titularis kunnen uitgeoefend worden (handelingsbekwaamheid). Een verlengd minderjarige heeft bijv. wel rechtsbekwaamheid, maar kan zijn rechten niet zelf uitoefenen. Bijv. een arts is rechtsonbekwaam om legaten te ontvangen van een overledene die hij in diens laatste ziekte heeft bijgestaan. Art. art. 11 B.W. - Zie ook: tegenstelling handelingsbekwaamheid

rechtsbescherming Fr.: la protection juridique : arbeidsrecht - bescherming door vooral de wet en de rechtspraak van een bepaalde positie in een rechtsverhouding. Bijv. werknemers en huurders genieten grotere ~ dan werkgevers respectievelijk verhuurders.

rechtsbestel Fr.: l'ordre de droite : rechtswetenschap - rechtsorde.

rechtsbetrekking / rechtsverhouding Fr.: le rapport de droit : burgerlijk recht - juridische verhouding of relatie tussen partijen.

rechtsbijstand Fr.: l'assistance judiciaire : gerechtelijk recht - geheel of gedeeltelijk ontslag van de betaling van de zegel-, registratie-, griffie- en uitgifterechten en van de andere kosten welke een rechtspleging, zelfs een buitengerechtelijke rechtspleging, met zich brengt, alsook van de kosten verbonden aan de tussenkomst van openbare en ministeriele ambtenaren, ten behoeve van degenen die niet over de nodige inkomsten beschikken om de kosten van die rechtspleging zelf te betalen. Art. 664 Ger. W. - Zie ook: v Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (BUPO)

rechtsbron in formele zin Fr.: la source formelle du droit : rechtsfilosofie - wet, verdragen, rechtspraak en gewoonte. De ~ niet naar de inhoud van de rechtsbron maar wel naar haar juridische statuut en kenmerken. Zie ook: nadere verklaring formele wet / wet in formele zin

rechtsbronnen in formele zin / formele rechtsbronnen / (oneigen.) formele bronnen Fr.: les sources formelles du droit : rechtswetenschap - factoren waaraan het recht zijn gelding ontleent; in het Belgisch rechtssysteem zijn dat: de wetgeving in materiële zin, de rechtspraak, de rechtsleer, de gewoonte en de algemene rechtsbeginselen.

rechtscollege / rechtscolleges Fr.: la juridiction / les juridictions : staatsrecht - algemene benaming voor een hogere rechtsprekende instantie, zoals het Hof van Cassatie, het Arbitragehof of de Raad van State

rechtsdag Fr.: audience : burgerlijk procesrecht - dag waarop een rechtszaak mondeling of schriftelijk wordt behandeld ten overstaan van een bevoegde rechterlijke instantie Zie ook: nadere verklaring gefixeerde zitting

rechtsfeiten Fr.: les faits juridiques : rechtswetenschap - feiten die rechtsgevolgen hebben al dan niet als gevolg van menselijk handelen. Bijv. zwangerschap en onrechtmatige daad.

rechtsfilosofie Fr.: la philosophie de droit : rechtsfilosofie - vakgebied dat uit de wijsbegeerte stamt; vooral m.b.t. het onderzoek naar de grondslagen van het recht. In de ~ heersen m.n. twee stromingen: enerzijds de leer dat de geldigheid van het recht op moraal (natuurrecht) steunt, anderzijds dat die op de wil van de wetgever berust (rechtspositivisme). Zie ook: hierarchische verhouding rechtsgeschiedenis

rechtsgang Fr.: lprocédure : rechtswetenschap - verloop van de rechtspleging in een civiele dan wel strafrechtelijke procedure.

rechtsgebied / rechtsgebieden Fr.: domaine de droit / ressort : rechtswetenschap - geheel van regels van een deel van het recht, meestal over eenzelfde onderwerp of omlijnd door bepaalde wet- en regelgeving. Bijv. staatsrecht, strafrecht en burgerlijk recht zijn aparte ~.
gebied waarover een rechterlijke instantie bevoegd is, bijv. het ~ van de rechtbank van eerste aanleg is het arrondissement waarin ze is gelegen. Art. 645-647 Ger. W. en 525-541 W. Sv. - Zie ook: nadere verklaring bevoegdheid onderdeel privaatrecht / burgerlijk recht / civiel recht onderdeel strafrecht onderdeel bestuursrecht / administratief recht / administratieve recht

rechtsgebieden Fr.: les ressorts : rechtswetenschap - geheel van regels van een deel van het recht. Bijv. staatsrecht, strafrecht en burgerlijk recht zijn aparte ~. Ook: omschrijving van de territoriale bevoegdheid van een hof van beroep. In België zijn er vijf hoven van beroep, elk bevoegd in hun eigen rechtsgebied: Antwerpen, Bergen, Brussel, Gent en Luik. Synoniem: ressort. Een ~ of ressort omvat één of meer provincies. Bijv. het ~ van het hof van beroep te Antwerpen omvat de provincies Antwerpen en Limburg. Art. 156 GW - Zie ook: onderdeel bestuursrecht / administratief recht / administratieve recht onderdeel privaatrecht / burgerlijk recht onderdeel strafrecht

rechtsgeding Fr.: le procès : burgerlijk procesrecht - het voorleggen van een conflict ter beslechting aan een rechter. Zie ook: tegenstelling buiten rechte

rechtsgeldig Fr.: valide : rechtswetenschap - zoals de wetgeving het voorschrijft; wettig Zie ook: nadere verklaring grondwettelijkheid

rechtsgelijkheid / gelijkheidsbeginsel Fr.: principe d'égalité : mensenrechten - grondrecht dat bepaalt dat gelijke gevallen gelijk dienen te worden behandeld en ongelijke verschillend naar de mate van het verschil. Zie ook: nadere verklaring overlast nadere verklaring inbreuk op een recht

rechtsgeschiedenis Fr.: l'histoire du droit : rechtswetenschap - vakgebied waarin onderzoek wordt gedaan naar de oorsprong en geschiedenis van het recht. Bijv. Romeins recht is een onderdeel van ~. Zie ook: hierarchische verhouding rechtsfilosofie

rechtsgeschillen Fr.: litiges : rechtswetenschap - aan de rechter of arbiter onderworpen geschillen m.b.t. de uitleg en correcte toepassing van een rechtsregel, bijv. een wet.

rechtsgevolgen Fr.: les consequences juridiques : rechtswetenschap - gevolgen die door het recht aan bepaalde feiten of handelingen worden verbonden. Bijv. een rechtshandeling vereist een op een rechtsgevolg gerichte wil. Zie ook: nadere verklaring rechtshandeling

rechtsgrond Fr.: le fondement juridique : rechtswetenschap - juridische basis. Een of meerdere rechtsregels (bijv. uit het burgerlijk wetboek) waarop feiten en omstandigheden worden gebaseerd. Bijv. de aannemer die een gebrekkig werk aflevert kan aangesproken worden op de ~ contractuele aansprakelijkheid. Zie ook: nadere verklaring da mihi facum, dabo tibi ius

rechtsgronden Fr.: les fondements juridiques : rechtswetenschap - juridische basis. Een of meerdere rechtsregels (bijv. uit het burgerlijk wetboek) waarmee feiten en omstandigheden juridisch worden omschreven. Bijv. de vrachtwagenchauffeur die dronken een ongeval veroorzaakt, kan een vordering vanwege zijn werkgever verwachten met als ~ contractuele wanprestatie of onrechtmatige daad. Zie ook: nadere verklaring ambtshalve aanvulling van de rechtsgronden nadere verklaring ontbreken van rechtsgrond

rechtshandeling Fr.: acte juridique : burgerlijk recht - handeling waaraan het recht bepaalde rechtsgevolgen verbindt gewild door het handelend rechtssubject. Bijv. plaatsing van een handtekening onder een overeenkomst waardoor de verbintenis ontstaat om een zaak te leveren. Zie ook: tegenstelling feitelijke handeling

rechtshulp Fr.: entraide judiciaire : rechtswetenschap - bijstand verleent tussen twee of meer verschillende staten in het kader van een strafonderzoek of met het oog op de uitvoering van een strafrechtelijke veroordeling.

rechtsingang Fr.: l'action en justice : burgerlijk procesrecht - de voorgeschreven wijze waarop een zaak bij het gerecht aanhangig wordt gemaakt. Zie ook: nadere verklaring dagvaarding / (mv.) dagvaardingen nadere verklaring verzoekschrift

rechtsinstrument Fr.: l'instrument de droit : rechtswetenschap - juridisch middel, middel dat het recht biedt. Zie ook: onderdeel algemeen beslag onderdeel gijzeling

rechtskeuze Fr.: l'élection de droit : rechtswetenschap - keuze die partijen maken voor de toepasselijkheid van een bepaald rechtsstelsel (bijv. Nederlands recht) op hun zakelijke verhouding (contract).

rechtsmacht Fr.: la juridiction : burgerlijk procesrecht - rechterlijke instantie of macht waarover een rechter beschikt

rechtsmiddelen Fr.: les voies de recours : burgerlijk procesrecht - bij de wet bepaalde procedurele middelen, waardoor de gedingpartijen of andere belanghebbenden het geschil waarover reeds een rechterlijke beslissing werd gewezen, opnieuw ter beoordeling kunnen voorleggen aan een rechter teneinde een wijzigende beslissing te verkrijgen. De gewone ~ zijn: hoger beroep en verzet; de buitengewone ~ zijn: derdenverzet en voorziening in cassatie. Zie ook: nadere verklaring hoger beroep nadere verklaring cassatie / casseren / gecasseerd nadere verklaring verzet

rechtsnorm Fr.: la norme juridique : verbintenissenrecht - vaak wettelijk voorschrift dat een bepaalde relatie tussen personen beheerst. Bijv. wie levert moet dat met zorg doen. Zie ook: nadere verklaring objectief recht nadere verklaring wet hierarchische verhouding normatief

rechtsobject Fr.: l'objet de droit : vermogensrecht - voorwerp van recht, namelijk zaken en rechten. Zie ook: tegenstelling rechtssubjecten

rechtsopvolger Fr.: ayant-cause : rechtswetenschap - de (rechts)persoon die in de rechten en verplichtingen van zijn voorganger is getreden. Bijv. een erfgenaam is een ~ van de erflater of een fusievennootschap is de ~ van de vennootschappen die samengingen. Zie ook: tegenstelling rechtsvoorganger

rechtsorde Fr.: l'ordre juridique : rechtswetenschap - maatschappelijke orde die op het recht is gebaseerd. Zie ook: nadere verklaring recht nadere verklaring rechtsstaat

rechtsoverweging Fr.: considération de droit : rechtswetenschap - juridisch argument dat aan de rechterlijke uitspraak ten grondslag ligt.

rechtspersonenrecht Fr.: droit des personnes morales : rechtspersonenrecht - rechtsgebied dat geheel van regels bevat en bestudeert over rechtspersonen (zoals vennootschappen, instellingen enz.) Zie ook: hierarchische verhouding rechtspersoon onderdeel vennootschapsrecht onderdeel fusie- en overnamerecht onderdeel bank- en effectenrecht

rechtspersoon / rechtspersonen Fr.: une personne morale : rechtspersonenrecht - niet-natuurlijk persoon; onderneming of instelling dat net zoals een natuurlijk persoon als rechtssubject kan deelnemen aan het rechtsverkeer. Zie ook: nadere verklaring natuurlijke persoon nadere verklaring publiekrechtelijke rechtspersoon nadere verklaring naamloze vennootschap (NV)

rechtspersoonlijkheid Fr.: la personnalité juridique : rechtspersonenrecht - hoedanigheid waardoor zelfstandig aan het rechtsverkeer kan worden deelgenomen.

rechtsplegingsvergoeding Fr.: l'indemnité de procédure : burgerlijk procesrecht - de vergoeding wegens het verrichten van materiële akten, welke toekomt aan de in het gelijk gestelde partij;
bedrag dat de verliezende partij moet betalen aan de winnende partij als compensatie voor de kosten die gemaakt zijn omdat deze partij heeft moeten procederen. Het gaat hier om een forfaitair bedrag dat varieert naargelang de aard van de zaak en de rechtbank waarvoor ze gevoerd werd, maar dat de werkelijke kosten nooit dekt. Art. 1022 Ger. W. - Zie ook: nadere verklaring proceskostenveroordeling

rechtsplegingvergoeding Fr.: rechtsplegingvergoeding : - vergoeding die de rechter kan toekennen aan een partij die in een burgerlijk geschilhaar eis toegekend krijgt. Deze vergoeding is bedoeld om deze partij een tegemoetkoming te geven in de gerechtskosten die zij heeft moeten maken om haar gelijk te bekomen.

rechtspositie / rechtstoestand Fr.: le statut / la situation juridique : consumentenrecht - omstandigheid waarin een persoon zich m.b.t. zijn rechten en plichten verkeert. Bijv. de wetgever streeft ernaar de ~ van werknemers, huurders en consumenten te beschermen.

rechtspositivisme Fr.: le positivisme de droite : rechtsfilosofie - leer die vooronderstelt dat het recht slechts bestaat uit regels die de wetgever uitvaardigt.

rechtspositivist : rechtsfilosofie - persoon die ervan uitgaat dat een absoluut geldig recht niet bestaat en het recht slechts van de wetgever afkomstig kan zijn. Volgens de ~ kan kennis van het recht alleen worden verkregen door bestudering van de wet en blijft het recht dat in strijd is met beginselen van rechtvaardigheid niettemin recht.

rechtsregel / rechtsregels Fr.: la règle de droit / les règles de droit : staatsrecht - door het geschreven of ongeschreven recht gegeven norm, op basis waarvan een persoon kan handelen. Overtreding van een ~ kan strafbaar zijn of leiden tot een burgerlijk proces. Zie ook: onderdeel wet onderdeel gewoonte / ongeschreven recht onderdeel jurisprudentie / rechtspraak

rechtsregels Fr.: les règles de droit : rechtsfilosofie - door het geschreven of ongeschreven recht gegeven normen, op basis waarvan een persoon kan handelen. Overtreding van ~ kunnen strafbaar zijn of leiden tot een civiele veroordeling. Zie ook: onderdeel wet onderdeel gewoonte / ongeschreven recht onderdeel jurisprudentie / rechtspraak onderdeel wet in materiële zin

rechtsstaat Fr.: l'Etat de droit : staatsrecht - staatsvorm waarin de vrijheidsbeginselen, democratisch verkozen instellingen, eerbiediging van mensenrechten en scheiding der machten gelden. Zie ook: nadere verklaring rechtsorde nadere verklaring anarchie nadere verklaring Trias Politica / scheiding van machten onderdeel democratische rechtsstaat

rechtsstoornis Fr.: trouble de droit : rechtswetenschap - stoornis van iemands rechten met betrekking tot een goed doordat een derde voorhoudt, ten nadele van de andere, enig recht te hebben op dat goed.

rechtssubjecten Fr.: les sujets juridiques : rechtswetenschap - dragers van rechten en plichten. Bijv. natuurlijke personen en rechtspersonen. Zie ook: tegenstelling rechtsobject

rechtssysteem / rechtsstelsel Fr.: le système juridique : staatsrecht - geheel van met elkaar verband houdende rechtsregels. Bijv. m.b.t. de leer van aansprakelijkheid of het auteursrecht.

rechtstitel Fr.: le fondement juridique : rechtswetenschap - rechtsgrond.

rechtstreeks toepasselijk Fr.: directement applicable : staatsrecht - directe werking van verdragen (bijv. EG-Verdrag) of (Europese) Verordeningen, waardoor zij dus door de burger rechtstreeks kunnen worden ingeroepen. een Verordening heeft een algemene strekking, is verbindend in al haar onderdelen en is ~ in elke lidstaat van de Europese Unie. Art. 249 EG-verdrag

rechtstreekse vordering Fr.: l'action directe : rechtswetenschap - door de wet verleende vordering van een schuldeiser tegen een schuldenaar van zijn schuldenaar.

rechtsverhouding Fr.: le rapport juridique : rechtswetenschap - juridische verhouding of relatie tussen partijen.

rechtsverkrijgende Fr.: l'ayant-cause : rechtswetenschap - rechtsopvolger

rechtsverwerking : verbintenissenrecht - het beginsel dat een recht verloren gaat indien de schuldeiser een houding aanneemt die niet verenigbaar is met de uitoefening van dat recht en alzo het gerechtvaardigde vertrouwen bij de andere partij(en) doet ontstaan dat hij dit recht niet zal uitoefenen. Deze rechtsfiguur is omstreden naar Belgisch recht en wordt niet als zelfstandig aanvaard. Zie ook: nadere verklaring rechtsmisbruik nadere verklaring goede trouw

rechtsvinding Fr.: la découverte du droit : rechtsfilosofie - het oplossen van een concreet juridisch probleem door het toepassen van een rechtsregel op de concrete feitelijke situatie die moet worden opgelost. Zie ook: nadere verklaring rechtsvorming

rechtsvoorganger Fr.: auteur : rechtswetenschap - de (rechts)persoon die de rechten en verplichtingen droeg, voordat deze overgingen naar zijn rechtsopvolger. Bijv. de erflater is de ~ van zijn erfgenaam. Zie ook: tegenstelling rechtsopvolger

rechtsvordering Fr.: l'action : gerechtelijk recht - de processuele handeling waarmee een partij zijn zaak voor de rechter brengt teneinde een bepaalde soort uitspraak te verkrijgen. Zie ook: nadere verklaring eis in conventie nadere verklaring claim nadere verklaring vorderingsrecht

rechtsvormen Fr.: les formes juridiques : ondernemingsrecht - de bekende ondernemingsvormen van natuurlijke personen en rechtspersonen, bijv. NV, BVBA. Zie ook: onderdeel naamloze vennootschap (NV)

rechtsvorming Fr.: la formation de droit : rechtsfilosofie - rechtschepping. Zie ook: nadere verklaring rechtsvinding

rechtsvraag Fr.: la question de droit : rechtsfilosofie - vraag hoe een bepaalde wettelijke regel moet worden uitgelegd of in welk juridisch kader feiten en omstandigheden moeten worden geplaatst teneinde het geschil te kunnen oplossen. De ~ kan in hoogste instantie door het Hof van Cassatie worden beantwoord. Dit geldt evenwel niet voor feitelijke vragen.

rechtszaak Fr.: la cause : rechtswetenschap - FOUTE SPELLING. Zoek: rechtszaak

rechtszaak / rechtszaken Fr.: la cause/ les affaires de droit : rechtswetenschap - gerechtelijke procedure

rechtszekerheidsbeginsel Fr.: le principe de sécurité juridique : rechtswetenschap - beginsel dat de overheid rekening dient te houden met de opgewekte verwachtingen bij burgers zodat daarin geen abrupte wijziging komt, met uitzondering van dringende noodzaak. Zie ook: nadere verklaring overgangsregeling nadere verklaring vertrouwensbeginsel

rechtszekerheidsbeginsel / beginsel van rechtszekerheid Fr.: le principe de sécurité juridique : staatsrecht - beginsel dat de overheid rekening dient te houden met de opgewekte verwachtingen bij burgers en dus niet mag terugkomen op een definitieve beslissing, zodat in de opgewekte verwachtingen geen abrupte wijziging komt, met uitzondering van dringende noodzaak.

rechtvaardigheid Fr.: la justice : rechtsfilosofie - persoonlijke beleving van hetgeen juist en eerlijk (fair) is; rechtschapen-zijn, zonder aanzien des persoon optreden. Codificatie van de aanvullende of derogerende werking van redelijkheid en billijkheid is ontstaan uit oogpunt van ~.

rechtvaardigingsgronden Fr.: les causes justificatives : strafrecht - feiten en omstandigheden die de strafbaarheid van het feit wegnemen, zoals de wettige verdediging (noodweer), het wettelijk voorschrift, het hoger bevel en de noodtoestand. Art. 416 Sw en 70 Sw - Zie ook: onderdeel overmacht onderdeel strafuitsluitingsgronden