Typ hierboven uw zoekterm (Belgisch recht) of scroll

© 2001-2015 Lycaeus Juridisch Woordenboek - Alle rechten voorbehouden>

sic : rechtswetenschap - Latijn: bijschrift in een citaat meestal tussen [ ] om aan te geven dat de fout letterlijk zo in het citaat staat en niet afkomstig is van diegene die citeert. Bijv. "wet van 32 [sic!] september 1912, houdende..". Zie ook: nadere verklaring sec

side-letter : contractenrecht - Engels: bijgaande brief. Brief waarin enkele afspraken staan die buiten het officiële contract zijn gehouden. Bijv. dat bij de overname van bedrijfsactiva ook een bepaald personeelslid naar de koper overstapt, wat de koopprijs in het overnamecontract kan drukken. Zie ook: nadere verklaring letter of intent

signaleringen Fr.: signalements : vreemdelingenrecht - personen die door de autoriteiten gezocht worden en via het Nationaal Schengen Informatie Systeem (NSIS) worden ontdekt. De belangrijkste categorieën van "signaleringen" zijn: personen om wier aanhouding ter fine van uitlevering wordt verzocht, niet-EU-burgers die worden gesignaleerd ter fine van weigering van toegang tot een Schengen-land, vermiste personen, getuigen en personen die door de justitiële autoriteiten zijn opgeroepen, personen of voertuigen die worden gesignaleerd ter fine van controle. Zie ook: nadere verklaring Nationaal Schengen Informatie Systeem (NSIS) nadere verklaring Verdrag van Schengen / uitvoeringsovereenkomst van Schengen

signatuur Fr.: signature : auteursrecht - het karakteristieke kenmerk van de maker op een beeldend werk waardoor hij als maker van dat werk wordt beschouwd. Bijv. zijn handtekening of een monogram. Zie ook: tegenstelling digitale handtekening onderdeel ondertekening / ondertekenen

slachtoffer Fr.: victime : criminologie - persoon die door een derde iets onaangenaams is aangedaan.

slagen en verwondingen Fr.: coups et blessures : strafrecht - het opzettelijk toebrengen van ~ wordt gestraft met een gevangenisstraf van 8 dagen tot 6 maanden en/of een geldboete van 26 euro tot 100 euro; het onopzettelijk toebrengen van ~ wordt gestraft met een gevangenisstraf van 8 dagen tot 6 maanden en/of een geldboete van 50 euro tot 500 euro Art. 420 S.W. en 398 S.W

sluiting van het faillissement Fr.: clôture de la faillite : faillissementsrecht - Wanneer blijkt dat het actief ontoereikend is om de vermoedelijke kosten van beheer en van vereffening van het faillissement te dekken, kan de rechtbank op verzoek van de curators of zelfs ambtshalve na de curators te hebben gehoord de sluiting van het faillissement uitspreken. Art. 73 Faill.W. en 74 Faill.W.

smartengeld Fr.: dommages et intérêts pour préjudice moral : letselschaderecht - vergoeding voor ander nadeel dan vermogensschade (immateriële schade) Zie ook: nadere verklaring schadebedrag nadere verklaring vermogensschade

snelrecht Fr.: procédure accélérée : strafrecht - behandeling van de strafzaak binnen zeer korte termijn en via een vereenvoudigde procedure in zaken waarin geen doorgedreven onderzoek vereist is. De enige vorm die momenteel in België kan worden toegepast, is de oproeping bij proces-verbaal.

Sociaal Economische Raad voor Vlaanderen (SERV) Fr.: Conseil économique et social pour la Flandre (SERV) : arbeidsrecht - overleg- en adviesorgaan van de Vlaamse sociale partners. In de SERV hebben tien vertegenwoordigers van de werkgevers- en tien vertegenwoordigers van de werknemersorganisaties zitting. Zie ook: nadere verklaring Nationale Arbeidsraad

sociaal recht /socialezekerheidsrecht Fr.: droit social / droit de la sécurité sociale : sociaal recht - vakgebied dat voornamelijk betrekking heeft op de zorginspanningen en -verplichtingen van de overheid. Zie ook: onderdeel uitkeringsfraude (sociale zekerheid) hierarchische verhouding ambtenarenrecht onderdeel socialeverzekeringsrecht

sociaal secretariaat Fr.: secrétariat social : rechtswetenschap - particuliere instelling, opgericht in de vorm van een VZW (Vereniging Zonder Winstoogmerk) en erkend door de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid die tot doel heeft in naam en voor rekening van zijn aangeslotenen de sociaalrechtelijke wettelijke en reglementaire formaliteiten te vervullen waartoe deze in hun hoedanigheid van werkgevers gehouden zijn, alsmede het verlenen van de nodige informatie en bijstand ter zake. Art. 1 W. 27 juni 1969 en 27 K.B. 28 november 1969 - Zie ook: nadere verklaring vereniging zonder winstgevend doel (VZW)

sociale advocatuur Fr.: exercice de la profession d'avocat au bénéfice des bas salaires : advocatuur - het aanbod in de balie dat zich in de praktijkuitoefening substantieel richt op de van overheidswege gefinancierde rechtsbijstand (Klijn). Zie ook: hierarchische verhouding betalende advocatuur / betalende praktijk

sociale controle Fr.: contrôle social : criminologie - regulerende, corrigerende werking die burgers onderling op elkaar uitoefenen. Bijv. een persoon aanspreken die zijn asbak op straat leegt. Zie ook: nadere verklaring burgerplicht niet gelijk aan sociale eenheid

sociale grondrechten Fr.: droits fondamentaux sociaux : mensenrechten - fundamentele rechten die voor alle burgers gegarandeerd moeten worden en die betrekking hebben op de sociale bescherming. Voorbeelden van ~zijn recht op gezondheidszorg, woongelegenheid, culturele ontplooiing en onderwijs. Zie ook: tegenstelling klassieke grondrechten

socialezekerheidsrecht Fr.: droit de la sécurité sociale : sociaal recht - rechtsgebied dat de rechtsregels in verband met de sociale zekerheid omvat. Zie ook: nadere verklaring arbeidsrecht

socialezekerheidssector Fr.: secteur de la sécurité sociale : politiek - sector van de sociale zekerheid, het geheel van voorzieningen om werknemers te beschermen tegen bepaalde risico's, zoals het wegvallen of plots verminderen van het inkomen,

socialisme Fr.: socialisme : politiek - politieke stroming die zich vanaf het einde van de 19de eeuw heeft ontwikkeld en zich (nog steeds) richt tegen sociale, maatschappelijke misstanden en streeft naar sociaal-economische orde die de klassetegenstellingen binnen de maatschappij helpt verminderen of opheffen. Het ~ vormt de basis van politieke partijen in vele landen. Zie ook: nadere verklaring politieke partij

soevereiniteit Fr.: souveraineté : diplomatiek recht - bevoegdheid van de staat om zelf zijn eigen rechtsorde en bestuursvorm in te stellen, zonder rekening te moeten houden met andere instellingen (dit aspect wordt ook wel de interne ~ van een staat genoemd); de bevoegdheid van de staat om zelf, maar wel in overeenstemming met het internationale verdragsrecht, zijn rechtsverhoudingen met andere staten te organiseren (de externe ~ van een staat), Zie ook: nadere verklaring directe werking van een verdragsbepaling nadere verklaring supranationale organisaties

softdrugs Fr.: drogues douces : strafrecht - Engels: drugs van de lichtere soort. Bijv. marihuana of hennep. Zie ook: tegenstelling harddrugs nadere verklaring gedoogbeleid

softwarelicenties Fr.: licences de logiciel : informaticarecht - geheel van schriftelijke toestemmingen van de eigenaar/maker van de programmatuur om daarvan rechtmatig gebruik te mogen maken. Naleving van ~ , in het bijzonder die van Microsoft en Adobe, wordt door de Business Software Alliance gecontroleerd. Zie ook: nadere verklaring licenties

solidariteit Fr.: solidarité : verbintenissenrecht - hoofdelijkheid van schuldeisers of schuldenaren. Ieder van hen kan dan de hele schuld opvorderen resp. voor het geheel aansprakelijk worden gesteld.

solidariteitsbelasting Fr.: cotisation de solidarité : fiscaal recht - hogere inkomens worden extra belast ten behoeve van de lagere inkomens.

solvabiliteit Fr.: solvabilité : ondernemingsrecht - mate waarin de onderneming in staat is aan haar verplichtingen jegens de schuldeisers te voldoen;
maatstaf voor het financiële weerstandsvermogen van een onderneming, veelal uitgedrukt in het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. (bron: beleggingsplein.nl)

sommatie / sommeren Fr.: sommation / sommer : contractenrecht - schriftelijke aanmaning om binnen een gestelde termijn een wettelijke of contractuele verplichting na te komen; ingebrekestelling. Zie ook: hierarchische verhouding ingebrekestelling / in gebreke stellen

souteneurschap / pooierschap Fr.: métier de souteneur : strafrecht - het begrip "souteneur", namelijk iemand die "geheel of ten dele leeft op kosten van een persoon wier prostitutie hij exploiteert", werd geschrapt uit de Belgische wetgeving. Het exploiteren van andermans prostitutie blijft wel strafbaar. Art. 380 Sw

speciale preventie Fr.: prévention spéciale : criminologie - individuele overtredingen bestraffen, teneinde herhaling te voorkomen. Zie ook: tegenstelling generale preventie nadere verklaring preventie

specialiteitsbeginsel Fr.: principe de spécialité : pand- en hypotheekrecht - beginsel dat inhoudt dat een hypotheekakte een aanduiding dient te bevatten van de vordering waarvoor de hypotheek tot zekerheid strekt of van de feiten aan de hand waarvan die vordering kan worden bepaald

specificatiebevoegdheid verkoper Fr.: compétence de spécification vendeur : rechtswetenschap - bevoegdheid van de verkoper om met inachtneming van de bekende behoeften van de koper maat en vorm van een zaak zelf te bepalen, als de koper die niet zelf aangeeft.

specifiek Fr.: spécifique : rechtswetenschap - bijzonder.

spiegelconfrontatie Fr.: identification d'un suspect derrière une glace sans tain : strafprocesrecht - confrontatie van een getuige met een of meerdere personen achter een doorkijkspiegel, bedoeld om na te gaan of de getuige iemand herkent. Zie ook: onderdeel Oslo-confrontatie

spijtoptant / spijtoptanten Fr.: repenti : strafrecht - personen die hun eerder genomen besluit betreuren en de gevolgen ongedaan willen maken. Zie ook: nadere verklaring gratie

splitsing Fr.: scission : fusie- en overnamerecht - de verrichting waarbij het gehele vermogen van een verdwijnende vennootschap met rechtspersoonlijkheid wordt overgedragen in twee of meer bestaande of nieuw op te richten vennootschappen met rechtspersoonlijkheid tegen uitreiking van aandelen van deze verkrijgende vennootschappen.

sponsoren Fr.: sponsoriser : rechtswetenschap - personen of instellingen die een project met (financiële) middelen ondersteunen zonder dat daar terstond of rechtstreeks een prestatie tegenover dient te staan.

spreekrecht / recht om gehoord te worden Fr.: droit d'audition : jeugdrecht - het recht van een minderjarige om door een rechter gehoord te worden in alle aangelegenheden die hem aanbelangen. Dit kan het geval zijn indien de rechter uitspraak dient te doen over het recht van bewaring of ouderlijk gezag. Zie: art 12 Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Art. 931 Ger.W. - Zie ook: nadere verklaring hoorrecht nadere verklaring jeugdrechtbank

staande magistratuur Fr.: magistrature debout : staatsrecht - verzamelnaam voor de leden van het Openbaar Ministerie: procureurs, substituut-procureurs, advocaten-generaal en procureurs-generaal. Zij voeren op de rechtszitting het woord staande. Zie ook: nadere verklaring openbaar ministerie onderdeel procureur des Konings hierarchische verhouding magistratuur

staatlozen Fr.: apatrides : vreemdelingenrecht - personen zonder nationaliteit. Zie ook: nadere verklaring recht op nationaliteit

staatsbestel Fr.: régime : staatsrecht - de wijze waarop het bestuur van een staat is georganiseerd; inrichting van het staatsbestuur. Bijv. aan het hoofd de koning met zijn ministers die verantwoording verschuldigd zijn aan een democratisch gekozen parlement.

Staatsblad / Belgisch Staatsblad Fr.: Moniteur / Moniteur belge : staatsrecht - uitgave, oorspronkelijk in de vorm van een krant, momenteel alleen nog op het Internet, waarin de overheid haar officiële aankondigingen plaatst. In de eerste plaats worden in het ~ de nieuwe wetten, decreten, ordonnanties en andere regelgevende teksten gepubliceerd, bepaalde benoemingsbesluiten, aankondigingen van vacatures, aandeelhoudersvergadering.

Staatscourant Fr.: Le Journal officiel : Nederlands recht - ambtelijke uitgave waarin Nederlandse ministeriële regelingen en algemeen verbindende voorschriften wordt afgekondigd en voor het publiek bestemde en relevante mededelingen worden bekend gemaakt. Bijv. oplijsting van faillissementen, surseances van betaling, echtscheidingen etc. De Staatscourant vormt samen met het Nederlandse Staatsblad de tegenhanger van het Belgisch Staatsblad.

staatshoofd Fr.: le chef d'état : staatsrecht - persoon die in binnen- en buitenland als de hoogste autoriteit van een staat wordt beschouwd. In België is de Koning het ~, in Frankrijk de President. Zie ook: onderdeel regering

staatsraad Fr.: conseiller d'Etat : staatsrecht - lid van de Raad van State Art. 1 R.v.St.-wet - Zie ook: hierarchische verhouding Raad van State

staatsrecht Fr.: droit constitutionnel : staatsrecht - rechtsgebied dat het recht over de organisatie,de werking en de bevoegdheden van de staat en zijn onderdelen bevat en bestudeert. De belangrijkste principes van het ~ zijn opgenomen in de Grondwet en o.m. in de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de instellingen;
regelt de inrichting van de staat en de staatsorganen en de verhouding tussen deze organen en tussen de staat en de burgers. Zie: bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming van de instellingen. Art. 1 G.W. - Zie ook: onderdeel oorlogsrecht onderdeel privacyrecht hierarchische verhouding Europees recht / gemeenschapsrecht

staatssecretaris Fr.: secrétaire d'Etat : staatsrecht - lid van de federale of de Brusselse Hoofdstedelijke regering dat toegevoegd is aan een minister en een deelgebied van diens bevoegdheid onder zijn hoede heeft, bijv. de ~ voor buitenlandse handel, toegevoegd aan de minister van Buitenlandse Zaken. Een ~maakt geen deel uit van de ministerraad; lid van de federale regering maar niet van de ministerraad, dat toegevoegd is aan een minister en hetzelfde statuut heeft; persoon die toegevoegd is aan een minister uit de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, tot dezelfde taalgroep van de minister behoort en van hem een aantal bevoegdheden overneemt, zonder dat hij zelf lid is van die regering. Zie: kb van 24 maart 1972 betreffende de staatssecretarissen. Art. 104 en 126 G.W. - Zie ook: hierarchische verhouding minister hierarchische verhouding regering

staatsvorm Fr.: forme d'Etat / régime politique : staatsrecht - vorm van de inrichting van de regering van een staat. Bijv. monarchie, republiek.

Stabiliteitspact Fr.: Pacte de Stabilité : Europees recht - streven binnen de EU naar een sluitende overheidsbegroting; is er toch een tekort en komt dit boven de 3% van het BBP, dan moet een boete worden betaald. (bron: nrc.nl)

stafhouder Fr.: bâtonnier : advocatuur - het hoofd van de orde van advocaten van een plaatselijke balie. Art. 447 Ger. W.

stagepatroon (oneig.) Fr.: maître de stage : advocatuur - advocaat die minstens 7 opeenvolgende jaren ingeschreven is op het tableau en instaat voor de praktijkopleiding van zijn advocaat-stagiair. Een stagepatroon mag slechts 2 stagiairs per gerechtelijk jaar aanvaarden en ten hoogste drie stagiairs tegelijk opleiden. Zie ook: hierarchische verhouding advocaat-stagiair onderdeel partner

stagnatie / stagneren / gestagneerd Fr.: stagnation / stagner / stagné : rechtswetenschap - tot stilstand komen. Bijv. de economie ~.

staking Fr.: grève : arbeidsrecht - het opzettelijk tijdelijk niet verrichten van de bedongen arbeid door een aanmerkelijke groep van personen in een dienstbetrekking, als dwangmiddel ter bereiking van een bepaald doel. Zie ook: nadere verklaring betoging / betogen

staking van stemmen / staking der stemmen Fr.: égalité de voix : rechtswetenschap - als door middel van stemming geen eenduidige uitkomst verkregen wordt, bijv. als er evenveel stemmen voor als tegen zijn. Zie ook: tegenstelling gekwalificeerde meerderheid van stemmen

stalking / belaging / (oneigen.) stalken Fr.: harcèlement : strafrecht - een persoon belagen of "stalken" Zich zodanig en voortdurend tegen iemand gedragen dat men weet of zou moeten weten dat men door zijn gedrag de rust van die bewuste persoon ernstig verstoort, bijv. door iemand voortdurend te volgen, op te bellen enz.. Art. 442bis Sw - Zie ook: niet gelijk aan staking nadere verklaring misdrijf nadere verklaring mobbing

standplaats Fr.: résidence : rechtswetenschap - plaats waar iets of iemand staat, plaats waar de werkzaamheden gewoonlijk worden verricht.

standstillverplichting Fr.: effet de standstill : internationaal publiekrecht - gevolg van een grondwetsbepaling of verdragsbepaling die directe werking in de Belgische rechtsorde heeft, waardoor de overheid geen maatregelen meer mag nemen die het beschermingsniveau van die grondwets- of verdragsbepaling verminderen of wijzigen, Zie ook: nadere verklaring directe werking / rechtstreekse werking

startkapitaal Fr.: mise de fonds : rechtswetenschap - Vaak gezocht, maar zonder juridische betekenis. Het geld dat in een startende onderneming wordt gestoken.

Staten-Generaal Fr.: Staten-Generaal (parlement des Pays-Bas) : Nederlands recht - benaming voor het Nederlandse parlement, bestaat uit de Tweede en Eerste Kamer, resp. de tegenhangers van de Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers en de Senaat.

status questionis : rechtswetenschap - Latijn: stand van zaken.

status quo : rechtswetenschap - Latijn: toestand waarin een zaak zich op een bepaald moment bevindt.

statutaire zetel Fr.: le siège statutaire : vennootschapsrecht - de vestigingsplaats zoals die in de statuten van de vennootschap is opgenomen. Zie ook: tegenstelling domicilie nadere verklaring statuten

statuten van de vennootschap Fr.: statuts : vennootschapsrecht - stuk dat deel uitmaakt van de akte van oprichting en waarin de grond- en werkingsregels van de vennootschap staan. Zie ook: onderdeel statutenwijziging onderdeel statutaire zetel

statutenwijziging Fr.: modification statutaire / modification aux status : vennootschapsrecht - veranderingen die in de statuten van een vennootschap worden opgenomen na aanvaarding daarvan door ten minste drie vierde van de aanwezige, vertegenwoordigde of schriftelijk uitgebrachte stemmen, die minstens de helft van de aandelen vertegenwoordigen. Zie ook: nadere verklaring vennootschap nadere verklaring stemrecht

Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden / Koninkrijksstatuut (Statuut) Fr.: Statut du Royaume des Pays-Bas : Nederlands recht - wet van 28 oktober 1954 dat het statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden inhoudt. Daarin o.a. zaken m.b.t. de overerving van de Kroon, de onschendbaarheid van de koning en Ministerraad van het Koninkrijk dat aangelegenheden van Nederland, de Antillen en Aruba behartigt.

stavingstukken Fr.: pièces justificatives : rechtswetenschap - stukken tot staving van een vordering; overtuigingsstukken.

stedebouwkundig Fr.: urbaniste : rechtswetenschap - behorend tot, betrekking hebbend op de stedenbouwkunde.

stedenbouwkundig certificaat Fr.: certificat d'urbanisme : vastgoedrecht - Door de gemeente geleverd document dat de mogelijkheid bevestigt of ontkent om een grond te bebouwen en dat meestal de na te leven stedenbouwkundige voorschriften vermeldt (stedenbouwkundige erfdienstbaarheden zoals de aanwezigheid van een hoogspanningslijn of de verplichting tot overpad, enz.). In sommige gevallen kan de gemeente ook beperkingen opleggen aan de bouw zelf (afmetingen, inspringende zone ten opzichte van de weg, soort bakstenen, gevelkleur, enz.). Zie ook: niet gelijk aan bouwvergunning

stellionaat Fr.: stellionataire : rechtswetenschap - verkopen of met een hypotheek bezwaren van goederen waarvan men weet dat ze hem niet toebehoren.

stemrecht Fr.: droit de vote : vennootschapsrecht - recht verbonden aan het bezit van aandelen met stemrecht. In principe geeft één aandeel recht op één stem (NV en BVBA). Statutaire stemrechtbeperkingen zijn mogelijk.

sterfhuis van een overledene Fr.: dernier domicile d'un disparu : personen- en familierecht - plaats waar de overleden persoon zijn laatste woonplaats heeft gehad. Zie ook: nadere verklaring erflater nadere verklaring woonplaats nadere verklaring aangifte van geboorte en overlijden

sterfhuisconstructie Fr.: technique de la coquille vide : fusie- en overnamerecht - verzamelnaam voor verscheidene technieken die als kenmerk hebben dat binnen een groep, die als geheel niet levensvatbaar is, een splitsingsoperatie wordt doorgevoerd waarbij de moedervennootschap de gezonde dochters via een aandelentransactie overbrengt naar een speciaal daartoe opgerichte vennootschap die geen banden heeft met de groep, en de rest van de groep naar een uitstel van betaling of faillissement wordt geloodst.

sterk merk / sterke merken Fr.: marque forte / marque fortes : merkenrecht - merk met een sterk onderscheidend vermogen. Bijv. Robeco of Sanex. Zie ook: tegenstelling zwak merk / zwakke merken